Echo maken

Als je zwanger bent, ga je regelmatig op controle bij de verloskundige en gynaecoloog. Die maken bijvoorbeeld een echo om te zien of het kindje goed groeit.

Inleiding

Wanneer je voor het eerst zwanger bent, heb je natuurlijk veel vragen. De verloskundige en een gynaecoloog kunnen die tijdens de controles beantwoorden. Na 8 tot 10 weken ga je voor het eerst op controle. Daarna elke maand en aan het eind van de zwangerschap nog vaker, tot wel een keer per week.

De verloskundige stelt je de eerste keer vragen over je gezondheid en ziektes die in de familie voorkomen. Ook rekent ze uit hoeveel weken je zwanger bent en wanneer je bent uitgeteld. Dat doet ze door het maken van een echo. Met een apparaatje gaat ze over je buik heen en op een tv kun je de baby dan zien bewegen. Dit is meestal een spannende belevenis!

Elk bezoek wordt je gewicht, je bloeddruk, je urine en de stand van je baarmoeder gecontroleerd. Ook luisteren ze naar het hartje van de baby..

De verloskundige zal je aanraden om een zwangerschapscursus te volgen. Daar leer je veel en het helpt je te ontspannen. Nu is het ook ongeveer tijd om kraamhulp aan te vragen.

Veelgestelde vraag

(Joke) Ik vind kinderen leuk, maar als ik dat zeg, beginnen mijn ouders en begeleiders meteen weer over dat het moeilijk is om kinderen op te voeden.

Antwoord

Je schrijft dat je zelf geen kinderen wilt, omdat de hele dag voor een kind zorgen te zwaar voor je is. Misschien zijn je ouders en begeleiders bang dat je toch zelf kinderen wilt. Ga in gesprek met ze. Vertel dat je echt zelf geen kinderen wilt, maar dat je wel graag iets met kinderen wilt doen.
Zeg dat je ervan baalt hoe ze op jouw liefde voor kinderen reageren. Vraag ze hulp bij het vinden van een baantje waar je bijvoorbeeld een keer per week iets met kinderen kunt doen.

Persoonlijke verhalen

(Mohammed) Je moet goed luisteren naar kinderen en ze veiligheid geven. Ik wil goed kunnen praten en horen wat ze zeggen.

(Cor) Een kinderwens heb je samen.

(Carla) Ik wordt boos als ouders hun kinderen verwaarlozen en niet weten wat hun kinderen aan het doen zijn. Bijvoorbeeld niet naar een diploma uitreiking komen. Maar daarna wel weer een preek geven als ze bijvoorbeeld speelgoed laten rondslingeren.

(John) Als er ruzie is tussen kinderen word ik heel verdrietig. Bijvoorbeeld als er speelgoed van elkaar wordt afgepakt. Ik hoop wel dat ik later gezonde kinderen kan krijgen. Als kinderen slim zijn met bijvoorbeeld koken is dat fijn en handig.

(Mandy) Ik wilde eigenlijk één kind, maar voor dat ik er erg in had zijn het vier kinderen geworden. Achter elkaar. Net als mijn moeder moest ik veertien jaar achter elkaar van de pastoor een kindje maken. Ik ben wel blij dat ik de kinderen heb, ik ben niet meer alleen. Ik merk het aan kinderen ook, ze staan mij heel dicht bij.

(Marga) Het is fijn als je met je partner de opvoeding kan doen. Het gaat de goede kant op met mijn vriend. Wij wonen nu twee jaren samen. We praten er over om met elkaar te trouwen. Ik wil in de toekomst graag kinderen, het liefst met de vriend die ik nu heb.

(Harriet) Als je niet in staat bent om een kind op te voeden, dan moet je het niet doen. Mensen moeten het ook aankunnen. Ze moeten weten wat er bij komt kijken om een kind op te voeden. Niet iedereen kan dat goed voor zichzelf bepalen, dat is lastig. Daarom moeten mensen aan ervaringsdeskundigheid hebben.

(Elske) Als je een kinderwens hebt, moet je er over durven praten en het laten zien. Als je er over praat weet je wat het inhoud om een kind te hebben. Soms is het goed om eerst een huisdier te nemen. Of er dat er een goede voorlichter is om je bewust te maken. Dat wordt een kind nemen een bewuste keuze.

(Els) Ik ben gesteriliseerd. Ik wil geen kind krijgen. Het klinkt misschien heel hard maar ik moet er niet aan denken om zwanger te worden. Ik heb die moedergevoelens niet, en het past niet in mijn leven. Ik en kinderen, dat is geen combinatie, echt niet.

(Els) Ik kom uit een gezin met heel veel kinderen. Dat was veel te druk, maar of het daar me te maken heeft weet ik niet. Nou kan ik geen kinderen meer maken, want ik ben over de vijftig. Ik kan ook niet meer zwanger worden.

(Frans) Ik ben gelukkig, hoewel ik geen kinderen heb. Ik wil wel dat voor mensen die kinderen niet meer thuis hebben een goede oplossing wordt gezocht. Dat de ouders ondersteund worden.

(Sjaak) Tot mijn dertigste wilde ik wel kinderen, nu dus niet meer. Als je ouder wordt en je krijgt dan een kind, dan heb je meer kans op kinderen met beperkingen. Dat wil ik niet. Trouwens als ik nu een kind zou krijgen, en ik zou ermee gaan wandelen, dan zeggen ze tegen het kindje ‘Ben je met opa aan wandelen?’

(Mark) Ik vind mezelf te oud om nu nog kinderen te willen. Ik geniet van de kinderen van anderen. Waarom ik het leuk vind? Als ik het zat ben, dan stuur ik ze naar huis. Dan kan ik rustig gaan slapen als ik moe ben.

(Jeroen) Ik zou zelf niet voor kinderen kiezen. Je moet ze echt goed opvoeden. Dat vind ik heel moeilijk. Ik denk dat het met alle moeite gaat. Hoe doe je dat en hoe ga je ermee om? Ik kan van mijn nichtje genieten, hoe zij groter geworden is. Daar ben ik blij mee. Ik vind het belangrijk dat ze later ook heel goed terecht komt en gelukkig is.

(Marcel) Als ik echt een partner had, dan zou ik kinderen willen. Dan zou ik er echt gelukkig mee zijn. Je moet ze dan wel heel goed kunnen opvoeden. Ook als ze ouder zijn.

Tips

Tip: babyspullen in een winkel kopen

  • Soms willen mensen zo graag kinderen dat ze al beginnen babyspullen te kopen terwijl ze nog niet zwanger zijn. Het is beter om te wachten tot je zeker weet dat je zwanger bent.

“Kinderen, daar ben ik te oud voor.”

Kijk op de monitor, je ziet hem bewegen!
Onderwerpen
Thema's